Infectieziekten bij kinderen

 Voor de geboorte is een kind beschermd tegen infecties door het afweersysteem van de moeder. Daarna krijgt een kind te maken met vele bacterien en virussen, waartegen zelf een eigen afweersysteem wordt opgebouwd. Kinderen maken veel infecties door. Veelal worden deze infecties veroorzaakt door virussen en gelukkig zijn ze vaak van onschuldige aard. De algemene ziekteverschijnselen bestaan uit koorts, slechte eetlust, moeiheid en malaise. Ook uiten veel kinderziekten zich door een (jeukende) huiduitslag. Deze verschijnselen zijn voor ouders redenen tot ongerustheid. Vaak zullen ouders contact opnemen met de huisartspraktijk, maar het is ook mogelijk dat ze langskomen in de apotheek en aan de balie hun vragen stellen. Dan is het zinvol dat je als apothekersassistente kennis hebt van de infecties waar kinderen mee te maken kunnen krijgen. Hoe kan je een luisterend oor bieden en de ouders zinvolle informatie geven? Wanneer is een goed (geruststellend) advies voldoende of wanneer moet je de ouders met het kind doorsturen naar de huisarts?

Het leerdoel is: Het goed kunnen adviseren van ouders over de verschillende soorten kinderziektes.

In de cursus wordt ingegaan op: Kinderen met koorts, Koortsstuipen, 5e en 6e ziekte, Waterpokken, Mazelen, Kinkhoest, RS-virus, Meningitis.

 

Na afloop van deze cursus ken je het onderscheid tussen de verschillende soorten kinderziekten. Tevens ben je bekend met de adviezen en mogelijke medicatie voor de verschillende soorten kinderziekten. Hierdoor kun je gerichte adviezen en voorlichting geven aan ouders van kinderen met kinderziekten.

 

Klik hier om meer te lezen

Nierfunctie en medicatie

Nierfunctie en medicatie

Een van de belangrijke taken van de apotheker is de medicatiebewaking. Bewaking op contra-indicaties, interacties en dosering is relatief eenvoudig, omdat de apotheek over de benodigde data beschikt.

In het HARM-onderzoek (Hospital Admissions Related to Medication) is gewezen op een verminderde nierfunctie als grote risicofactor. Een probleem bij bewaking op verminderde nierfunctie is dat de apotheker vaak niet op de hoogte is de nierfunctie- waarden. Voor echt goede medicatiebewaking op het gebied van nierfunctiestoornissen zijn gegevens van artsen en andere zorgverleners in de keten nodig.
Een positieve ontwikkeling is dat de apotheker – nadat de patiënt daartoe desgevraagd toestemming heeft gegeven – een aantal laboratoriumwaarden aan de betreffende arts kan opvragen.

Indien de apotheker over deze laboratorium waarden beschikt, wat doet die er dan mee? het grootste deel van de recepten wordt aangeschreven en verwerkt door apothekersassistenten. Zij krijgen de meldingen als eerste te zien en zij moeten begrijpen wat de betekenis daarvan is, of als er geen gegevens beschikbaar zijn, maar er wel een melding komt dat een geneesmiddel bij verminderde nierfunctie problemen kan geven, wat dan te doen.

Na afloop van de cursus:

  • ben je  op de hoogte hoe vaak chronische nierschade voorkomt;
  • Begrijp je wat het risico is van chronische nierschade;
  • weet je wat de complicaties van chronische nierschade kunnen zijn;
  • ben je op de hoogte van geneesmiddelen die aandacht behoeven in het geval van verminderde nierfunctie;
  • Begrijp je de verschillende methoden om de bewaking van medicatieveiligheid bij patiënten met chronische nierschade te organiseren;
  • kan je aan de hand van een aantal aandachtspunten aan de slag met de implementatie van de verworven kennis.

 

Canmeds

Farmaceutisch handelen 40%
Communicatie 20%
Samenwerking 40%

 

 

Klik hier om meer te lezen

FPZ bij patiënten met Dementie

FPZ bij patiënten met Dementie

 Dementie is een verzamelnaam voor ruim vijftig ziektes, zoals de ziekte van Alzheimer, vasculaire dementie, frontotemporale dementie en Lewy body dementie. De ziekte van Alzheimer is de meest voorkomende vorm van dementie. Voor de medicamenteuze behandeling van dementie zijn rivastigmine (Exelon), galantamine (Reminyl), donepezil (Navazil) en memantine (Ebixa) onder voorwaarden in het verzekerde pakket opgenomen.

Daarnaast worden psychofarmaca gebruikt om symptomen die bij dementie voorkomen te onderdrukken.

Volgens Alzheimer Nederland, de stichting die zich inzet voor mensen met dementie, zijn er momenteel 270.000 mensen met dementie, van wie ongeveer 50.000 in een verpleeginstelling verblijven. 

Van geen van de bovenstaande middelen is aangetoond dat zij het beloop van de ziekte kunnen beïnvloeden. Hun effect is symptomatisch. Dit houdt in dat op de korte termijn (tussen de negen en twaalf maanden) bij een klein deel van patiënten verdere verslechtering wordt tegengegaan en een beperkte cognitieve verbetering kan worden gezien.

Gezien de vergrijzing zal het aantal patienten die lijden aan een vorm van dementie steeds groter worden. Daar heb je in de apotheek hoe dan ook mee te maken.

Naat iedere patient met dementie heb je ook te maken met anderen die er aan ‘lijden’, zoals mantelzorgers en partners. Meer dan 70% van de mensen met dementie zit thuis en daarom is het van groot belang dat de omgeving er in het dagelijks leven mee bekend is. Het is belangrijk om de onbekendheid met dementie aan te pakken. Met deze training lleer je er mee omgaan. Zo krijg je meer bewustwording. Als er iemand met dementie aan de balie komt moet je bijvoorbeeld niet drie dingen tegelijk vragen. Het vergt een rustiger en geduldiger benadering.

Leerdoelen
Na afronding van deze cursus weet je welke signalen kunnen wijzen op dementie en weet je wat je moet doen als je deze signalen waarneemt. Verder kun je cliënten, familieleden en mantelzorgers begeleiden en voorlichten over het gebruik, de werking en bijwerkingen van de medicijnen die een grote rol spelen bij de behandeling van dementie. Ook kun je ongewenst gebruik en therapietrouw herkennen en tegengaan.

Misschien een net wat andere cursus dan je wellicht gewend bent, maar wel zo leerzaam en van groot nut voor de toekomst.

 

 

Klik hier om meer te lezen

Cursus Reuma en Artrose

Deze cursus laat je kennis maken met het ziektebeeld reuma/artrose, de epidemiologie, de behandelmethoden, protocollen en voorlichting. 

Reuma is niet één ziekte, maar een verzamelnaam voor meer dan honderd aandoeningen aan gewrichten, spieren en pezen. De meest genoemde klachten zijn pijn en stijfheid. Daarnaast kunnen mensen moe of lusteloos zijn.

Artrose is een reumatische aandoening, waar meer dan een miljoen mensen aan lijden. Een enorm aantal voor een aandoening waarvan men snel zegt: ‘het hoort bij het leven, bij het ouder worden’. Niet iedereen heeft er even veel last van, maar toch: een groot aantal mensen raakt geïsoleerd door deze aandoening. 

Leerdoelen

  • Na afloop geef je bij uitgiftegesprekken over reumamedicatie en bij zelfzorgadviezen, de juiste informatie over werking, bijwerking, dosering en gebruik.
  • Je bent je bewust van de diversiteit aan klachten en je bent in staat een proactieve houding in te nemen afhankelijk van de vraag en de individuele omstandigheden van de patiënt.
  • Je hoort welke rol de apotheek in de artroseketen speelt, en wat de apotheek kan bijdragen aan de zorg voor artrosepatiënten.
  • Bijvoorbeeld:
  • Leveren van de juiste geneesmiddelen tegen de pijn
  • Goed advies hoe om te gaan met bijwerkingen 
  • Goede medicatiebewaking (veel geneesmiddelen gebruikt tegen de pijn bij artrose geven interacties)
  • Letten op de nierfunctie in combinatie met de dosis van m.n. de NSAID’s (waar moet je op letten, wat is normaal?)
  • Hoe voorkom je gastro-intestinale problematiek? (Treedt veelal op als bijwerking) 
Klik hier om meer te lezen

Medicatie bij verminderde nierfunctie

Een van de belangrijke taken van de apotheker is de medicatiebewaking. Bewaking op contra-indicaties, interacties en dosering is relatief eenvoudig, omdat de apotheek over de benodigde data beschikt.

In het HARM-onderzoek (Hospital Admissions Related to Medication) is gewezen op een verminderde nierfunctie als grote risicofactor. Een probleem bij bewaking op verminderde nierfunctie is dat de apotheker vaak niet op de hoogte is de nierfunctie- waarden. Voor echt goede medicatiebewaking op het gebied van nierfunctiestoornissen zijn gegevens van artsen en andere zorgverleners in de keten nodig.
Een positieve ontwikkeling is dat de apotheker – nadat de patiënt daartoe desgevraagd toestemming heeft gegeven – een aantal laboratoriumwaarden aan de betreffende arts kan opvragen.

Indien de apotheker over deze laboratorium waarden beschikt, wat doet die er dan mee? het grootste deel van de recepten wordt aangeschreven en verwerkt door apothekersassistenten. Zij krijgen de meldingen als eerste te zien en zij moeten begrijpen wat de betekenis daarvan is, of als er geen gegevens beschikbaar zijn, maar er wel een melding komt dat een geneesmiddel bij verminderde nierfunctie problemen kan geven, wat dan te doen.

Na afloop van de cursus:

  • ben je  op de hoogte hoe vaak chronische nierschade voorkomt;
  • Begrijp je wat het risico is van chronische nierschade;
  • weet je wat de complicaties van chronische nierschade kunnen zijn;
  • ben je op de hoogte van geneesmiddelen die aandacht behoeven in het geval van verminderde nierfunctie;
  • Begrijp je de verschillende methoden om de bewaking van medicatieveiligheid bij patiënten met chronische nierschade te organiseren;
  • kan je aan de hand van een aantal aandachtspunten aan de slag met de implementatie van de verworven kennis.

 

Canmeds

Farmaceutisch handelen 40%
Communicatie 20%
Samenwerking 40%

 

 

Klik hier om meer te lezen

Ramadan: onze zorg

 

 

Dit jaar begint de ramadan omstreeks 6 juni 2016 en eindigt op 5 juli 2016. Het vasten tijdens de ramadan is een bijzondere periode voor alle moslims. Het vasten is een plicht voor elke moslim. In Nederland wonen ruim 900.000 moslims. Mensen die gezondheidsproblemen kunnen oplopen door het vasten, kunnen volgens de Islam vrijstelling krijgen van de ramadan. Van deze vrijstelling wordt echter niet altijd gebruik gemaakt. Ook dit jaar starten er weer veel mensen met diabetes met de ramadan. Ook voor uw patiënten met diabetes betekent de ramadan een aangepast dagritme en eetpatroon. Een tijdige voorbereiding is belangrijk om problemen tijdens de ramadan te voorkomen. Mensen met diabetes kunnen namelijk door de ramadan ernstig ontregeld raken omdat de dagelijkse vastenperiode dit jaar langer duurt dan voorgaande jaren (>19 uur). Het vasten tijdens de ramadan is namelijk niet zonder risico’s vanwege een verhoogd risico op hypo’s en hypers bij patiënten met diabetes, maar ook kunnen er problemen opdoen bij andere aandoeningen.

Deze cursus is opgezet om inzicht te krijgen over de ramadan en de risico's van geneesmiddelengebruik tijdens vasten.

De cursus bestaat uit een algemene inleiding over ramadan, verbreken van vasten, vrijstelling van vasten, vasten in andere religies, symptomen en gevolgen van vasten. Aan bod komen ook gezondheidsrisico's, beslisbomen, voorlichting en samenwerking met andere hulpverleners besproken.

 

 

Klik hier om meer te lezen

Rhinitis

Inleiding

Allergische en niet-allergische rhinitis komen veel voor. De aandoeningen hebben een geschatte prevalentie van 150 tot 200 per 1000 personen per jaar en komen bij mannen en vrouwen ongeveer even vaak voor. In de huisartsenpraktijk daarentegen is de prevalentie 25 per 1000 mannen en 31 per 1000 vrouwen per jaar. Dit betekent dat een grote groep niet onder behandeling van een arts staat en waarschijnlijk zijn toevlucht zoekt naar zelfzorg.

Allergisch rhinitis is veelal seizoensgebonden (door invloed van pollenallergenen) terwijl niet-allergische rhinitis het hele jaar voor kan komen en veroorzaakt wordt door heel andere stimuli (b.v. geneesmiddelen, rook). De seizoensgebondenheid heeft de oude naam hooikoorts geleverd. Tegenwoordig spreek men daar niet over, omdat het niets met hooi te maken heeft.

De aandoening betekent een grote handicap met veel impact op het dagelijks leven (ziekteverzuim).

Leerdoelen

Na afloop van deze cursus

  • Heb je kennis genomen van de aandoening (allergische en niet-allergische) rhinitis, welke klachten  heeft de patient, hoe vaak komt het voor en hoe herken je de klachten
  • Heb je kennis genomen van de richtlijnen
  • Ben je in staat patiënten uitleg te geven over hun aandoening en hun therapie geef je mensen met hooikoorts- of rhinitisklachten de juiste niet-medicamenteuze adviezen
  • Ben je in staat uit te leggen hoe medicijnen bij allergische rhinitis werken
  • Kan je m.b.v. het farmaceutisch dossier, mogelijke andere oorzaken aanwijzen
  • Kan je advies geven aan mensen met rhinitisklachten die een zelfzorgvraag hebben
  •  ben je alert op mogelijke interacties van medicijnen bij hooikoorts of allergische rhinitis en handel je deze interacties op de juiste wijze af

 

Klik hier om meer te lezen